Beluister deze pagina met proReader

Inleiding D66 op bezuinigingsdebat Weert

maandag 13 juni 2011

Het College van VVD, CDA en Weert Lokaal heeft geen gemeenschappelijk doel, geen gemeenschappelijke visie. Het is een soort van verstandshuwelijk: geen echte liefde, geen gemeenschappelijke deler, veel zakelijke afspraken. D66 heeft al vaker de vinger op deze zere plek gelegd.

Doorgaans kan dit aardig worden gemaskeerd doordat alle wethouders hun eigen winkeltje hebben: ‘ik bemoei me niet met jouw terrein, jij niet met het mijne’. Als in een huwelijk met gescheiden slaapkamers. Partners zijn al lang op elkaar uitgekeken, maar blijven vanwege huis en hypotheek maar bij elkaar. Eigenlijk hadden ze er nooit aan moeten beginnen.

 

Bij de bezuinigingen komt de besluiteloosheid van dit College echter scherp naar voren. In plaats van een heldere lijn uit te zetten, een toekomstgericht beleid te voeren wacht het liever af wat de raad besluit, wil het College zijn vingers er niet aan branden. Je mag toch verwachten dat een college en  coalitie weten waar ze in de toekomst met Weert naartoe willen. En dat het college op basis van deze visie ook echt wel bezuinigingsvoorstellen aan de raad voor kan leggen? Als je weet wat je wil, weet je ook wat je nodig hebt om dit te realiseren. Logisch gevolg is dat je dan ook weet waar je wel op kunt bezuinigingen.

Blijkbaar weet het College het dus even niet en mag de raad het vertellen. De raad mocht kruisjes zetten bij bezuinigingsvoorstellen. Als er te weinig kruisjes waren gezet, werd er niet op bezuinigd. Genoeg kruisjes betekent misschien wel op bezuinigen. D66 heeft aan deze flauwekul niet meegedaan. Het resultaat van deze kruisjesexercitie is voorspelbaar: een onsamenhangend palet aan kleinere en grotere bezuinigingsvoorstellen waarbij vooral voor  de gemakkelijke weg gekozen is: de kaasschaaf.

 

Wij moeten dus helaas constateren dat het omvangrijke boekwerk met bezuinigingsopties opnieuw en overduidelijk aan het licht brengt dat er van de visie van dit college, als daar überhaupt al sprake van was, niets terecht gaat komen.

Voorzitter, dat is niet eens de constatering van de raadsfractie van D66. Nee, dat is wat het college bewust of onbewust zelf heeft opgeschreven in dit boekwerk.

Wij zullen dit illustreren aan de hand van de inleidende pagina’s van het bezuinigings- boekwerk.

In de inleiding bovenaan pagina 1 staat de visie van dit college vertaald in de drie uitgangspunten van haar coalitieprogramma:

·         Geen aantasting van de dienstverlening;

·         Een sluitend financieel meerjarenperspectief;

·         Geen lastenverhoging voor de burger.

Een mooi voornemen, immers wie kan daar nu tegen zijn? Echter, wat schetst onze verbazing? Reeds in de eerstvolgende alinea van hetzelfde bezuiningingsboekwerk staat (en ik citeer):

De verwachting is immers dat de financiële gevolgen van het rijksbeleid voor de gemeente zodanig nadelig zijn, dat ook het verminderen van taken (kwalitatief én kwantitatief) noodzakelijk is. 

Bovenaan pagina 2 staat (en ik citeer opnieuw):

Naar verwachting dwingt ons dat om naast het scherper, risicovoller begroten en efficiënter werken, een taakdiscussie (verminderen van taken kwalitatief én kwantitatief) te voeren.

Vrij vertaald voorzitter: zeg maar dag met het handje tegen het eerste uitgangspunt van het coalitieprogramma.

 

Dan onze bemerkingen ten aanzien van het tweede uitgangspunt: ‘een sluitend meerjarenperspectief’. Nauwelijks bekomen van onze verbazing over het snelle om zeep helpen van het eerste uitgangspunt, lezen wij onderaan pagina 2 het volgende (ik citeer):

Het college stelt voor om te komen tot afwegingen die resulteren in een sluitende meerjarenbegroting met het scenario van 0% (nul procent!!!) vermindering van rijksbijdragen (...).

 

Allereerst is het natuurlijk van de gekke dat dit college ervan uit gaat dat er 0% vermindering van de rijksbijdragen zal plaatsvinden. Iedereen weet dat de landelijke overheid moet bezuinigingen. Er komt dus minder geld of meer taken naar de gemeente Weert. Een scenario dat gebaseerd is op 0% vermindering mag men niet als ‘risicovoller begroten’ betitelen. Het is niets meer dan een struisvogelscenario. Verder, en nu begint het helaas langzaam lachwekkend te worden, is er zelfs in dit ongeloofwaardige naïeve scenario geen sprake van een sluitend financieel meerjarenperspectief. In haar eigen doorrekening op pagina 7 laat het college zien dat er zelf bij dit scenario sprake is van een begrotingstekort in 2013.

Vrij vertaald voorzitter: zeg ook maar dag met het handje tegen  het tweede uitgangspunt van het coalitieprogramma.

 

Tsja, en u voelt hem al aankomen voorzitter … ook het derde uitgangspunt, te weten : ‘geen lastenverhoging voor de burger’, kan de prullenmand in. Allereerst zet het college iedereen op een dwaalspoor door midden op pagina 2 een voorstel te doen voor OZB verhoging in ruil voor verlaging van de afvalstoffenheffing en rioolrecht, terwijl ze amper 2 alinea’s daaronder schrijft: ‘het college doet geen voorstellen voor lastendrukverhoging (bijvoorbeeld OZB …)’. Snapt u hem nog? En als klap op de vuurpijl lezen we in de volgende zin: (en ik citeer voor de laatste keer):

Het college is van mening dat voor specifieke groepen burgers sprake kan zijn van lastenverzwaring.

Daar gaat ook het derde uitgangspunt. Chapeau. Het college is erin geslaagd om reeds op pagina 2 van het boekwerk het gehele fundament onder haar eigen coalitieprogramma weg te graven.

Let wel: dit is geen politieke retoriek vanuit de oppositie. Dit zijn de woorden van het college zelf. Iedereen kan ze nalezen in dit boekwerk.

 

De conclusie van D66 is dan ook dat het college open en eerlijk naar de burger moet zijn dat belangrijke onderdelen van haar coalitieprogramma niet gerealiseerd worden. Al het andere zou voorliegen zijn. De enige mogelijkheid om onderdelen nog wel te realiseren, is scherpe keuzes maken. Dus geen kaasschaafmethodiek zoals dit college nu voorstelt. Niet overal 5, 10 of 20% eraf halen zonder visie.

 

D66 kiest voor een andere lijn. Duidelijke keuzes voor Weert. Wij hebben de boot gemist als het gaat om winkelstad en recreatie, die titel gaat naar Roermond met het outlet en de Maasplassen. Dan economie, wat dat betreft profileert Venlo zich als Greenport. Eindhoven heeft Brainport. Wat betreft keuzes maken loopt Weert ver achter.

 

Waar kun je je als Weert dan wel in onderscheiden, waar zijn wij goed in? Weert is een goede woonstad met veel voorzieningen en een krachtig MKB. Het is niet erg als mensen werken in Roermond of Eindhoven, als ze maar in Weert komen wonen. En dat doen de inwoners van Weert graag vanwege het hoge voorzieningenniveau. Rond de nieuwbouw van het gemeentehuis staan niet voor niets borden met de tekst “Weert Woonstad”.

D66 kiest ervoor om kansen te benutten. Bouw uit waar je goed in bent, dit levert altijd meer rendement op dan geld en energie te steken in iets wat je nog moet opbouwen en waar andere gemeenten al ver vooruit zijn.

D66 kiest ervoor om Weert te profileren als woonstad met goed onderwijs, goede sportvoorzieningen, een theater, een prettige en schone leefomgeving en prachtig in het groen gelegen. Een stad waar iedereen wil wonen. Hier willen wij in investeren. Hierop baseren wij onze bezuinigingen en investeringen. Dit zult u zien in de moties en amendementen die wij per programma zullen indienen.

 

D66 heeft de voorgestelde bezuinigingen aan deze visie getoetst. Allereerst vinden wij lastenverzwaringen voor burgers door verhogingen van gemeentelijke belastingen niet acceptabel. Als er geld te kort is, moet de gemeente zelf bezuinigen. Het College laat de optie open de lasten voor burgers te kunnen verhogen als de eindafrekening van de bezuinigingen mochten tegenvallen.

En het gaat tegenvallen de komende jaren: niet meer reserveren voor majeure projecten levert weliswaar financiële winst op, maar is niet realistisch, net als het potje ‘onvoorzien’ te halveren.

We weten dat we in de toekomst geld moeten uitgeven aan de Lichtenberg, de herinrichting van het gebied rond het huidige stadhuis, het erfgoedhuis en anders minimaal aan het archief. En hoe lang maken we in deze gemeente al plannen voor het centrumgebied van Leuken en zeggen we dat er een nieuwe school, gymzaal en een wijkaccommodatie moet komen? En dan hebben we het nog niet over het realiseren van huisvestingsvoorzieningen voor het speciaal onderwijs. Als je naar de omvang van deze projecten kijkt, gaat het hier om vele miljoenen.

Deze ontwikkelingen gecombineerd met het te verwachten rijksbeleid zullen ervoor zorgen dat we in 2011 besluiten moeten nemen over bezuinigingen, maar welke dat worden, dat zien we in deze bezuinigingscatalogus dus niet terug ondanks de veelbelovende titel Kansrijk bezuinigen.

 

Zoals gezegd: D66 wil dat Weert primair kiest voor het uitvoeren van haar kerntaken als gemeente: wonen, veiligheid, economie. Vooral investeren in Weert als Woonstad vindt D66 van het grootste belang: dat betekent investeren in onderwijs, in openbaar groen, in goed onderhouden wegen, in economische infrastructuur. D66 zal een aantal moties indienen om voorgestelde bezuinigingen op deze thema’s geen doorgang te laten vinden. Het gaat hierbij onder andere om bezuinigingen op het zwembad, het theater, maar ook over achterpadverlichting en onderhoud van groen en wegen in Weert.

 

Bezuinigd kan er worden op de TROM, de GOML en het samenwerkingsverband Hoge Dunk. Liefst helemaal stoppen met deze geldverslindende organisaties met veel overhead, bureaucratie en weinig tastbare resultaten. Ook bij bijvoorbeeld Punt Welzijn kan worden bezuinigd door kritisch naar de opdrachten van deze organisatie te kijken.

 

D66 heeft telkens aangeven dat bezuinigen op basis van uitgangspunten de juiste weg is. Wij hebben hiermee onze kaders aan u voorgelegd en nodigen u uit om samen met ons deze richting in te slaan.


Fractie D66,

Vincent van Brussel

Marie-Michèle Stokbroeks





Reageer

Reacties


Plaats een reactie


Er zijn nog geen reacties geplaatst.
print pagina Mail een vriend

Inhoudsopgave


 




Agenda

RSS